Mijmeringen ANNO 1981
Parel van het Zuiden
Breda, de parel van het Zuiden, een dynamische, slagvaardige gemeente, vooral
wat betreft de woningbouw!
Als eerste grote uitbreiding, na de 2e Wereldoorlog, van het Gemeentelijk Woningbezit,
wordt het Heuvelkwartier gebouwd.
In het jaar 1953 werd in het kader van bovengenoemde woonwijk, 44 woningen gebouwd,
gesitueerd in een driehoek welke Dr. Ariënsplein
werd genoemd.
Eengezinswoningen, duidelijk verschillend van de gangbare types. Bijvoorbeeld de
"omgekeerde erker" welke zich binnen in plaats van buiten de voorgevel bevind.
Ook het balkon op de 1e verdieping, wat ten koste van de slaapkamerruimte gaat,
is binnen de gevel gebouwd.
Zo ook de voordeur valt op door zijn abnormaal grote afmeting. Kortom, mooie
typische huizen, gezien in die tijd. Het enige gemis, was een behoorlijke bergruimte!
Eigenlijk wel verwonderlijk, daar de huur vrij hoog was, namelijk f 7,15 per week.
De gemeente besloot daarom, om tegen een prijs van f 0,75 per week een berging te
bouwen, bij die bewoners welke akkoord gingen met deze uitbreiding en daarmee
gepaard gaande huurverhoging.
Huurkosten totaal f 7,90. per week
Het was rustig wonen op het pleintje en niet gevaarlijk voor de kinderen.
Reden daarvoor was, dat men geen doorgaand verkeer had. Het plein was geheel
omsloten en had slechts één toegang, gelijktijdig uitgang.
Na ongeveer 10 jaar, kwam de gemeente met het voorstel de "ingebouwde erker" om
te bouwen, zodat een strakke voorgevel werd verkregen. Deze ingreep zou de huur
met f 9,-- verhogen.
Aangezien een vergroting van de woonkamer hiervan een gevolg was, werd dit door
de bewoners in dank aanvaard.
Tastbare welvaart
+ 1965. Door het meer tastbaar worden van onze welvaart, was de straat doordat
de auto's voor de huizen werden geparkeerd, te smal geworden. Op herhaald verzoek
van de bewoners, werd de rijweg praktisch verdubbeld. Dit kon door zowel het
trottoir, als het parkje, midden op het plein, een meter smaller te maken. Daar
dit schijnbaar een geweldige ingreep betekende voor wat betreft de gemeentelijke
geldbuidel, moesten de straatlantaarns maar op de middenweg blijven staan, het
geld was op! Nadien zijn geen wijzigingen meer aangebracht, of men moet de drie
verfbeurten hieronder rekenen. Verf, welke bij het wassen van ramen en kozijnen,
na verloop van tijd verdween! Kennelijk was een zeer slechte soort verf gebruikt;
ofwel ondeskundig verwerkt.
Was het geld nog "op"? Het hout ging namelijk rotten, zodat een grote onderhoudsbeurt
met spoed geboden was!
Ook de gemeente kwam tot deze conclusie, waarna in mei 1978 de bewoners werden
opgeroepen om medewerking te verlenen en mee te praten over de hoognodige
herstellingen en eventuele verbeteringen aan de woningen. Maar, het geld bleef "OP"!!
|