Voorwoord
Aan ondergetekende is het verzoek gedaan om iets te schrijven over de historie
van gemeenschapshuis De Vlieren. Ondergetekende heeft daar graag aan voldaan maar
was er zich zeer van bewust dat het een verhaal 'in vogelvlucht' zou moeten worden.
Derhalve kan dit verhaal natuurlijk niet geheel volledig zijn en heb ik mij beperkt
tot de meer algemene zaken.
Natuurlijk weet elke Heuvelbewoner waar gemeenschapshuis De Vlieren staat en ook
dat vele actieve verenigingen daarin hun onderdak vinden. Toch weten heel veel
bewoners niet wat er, voordat het gemeenschapshuis in gebruik werd genomen, achter
de schermen aan arbeid is verricht. Deze vele uren van vergaderen en organiseren
werden, naast beroepskrachten, veelal verricht door een grote groep vrijwilligers,
waaronder de initiatiefnemers om een gemeenschapshuis in de Heuvel geplaatst te
krijgen.
Het is onbegonnen werk alle namen en organisators te vernoemen, daarom wil ik dit
verhaal gebruiken als een ode aan al de vrijwilligers die ons zijn voorgegaan.
Zij waren de mensen die zich onbaatzuchtig hebben ingezet om andere bewoners uit
de Heuvel de gelegenheid te geven hun activiteiten te organiseren. Tot op heden
is er niet veel veranderd en zijn ook nu nog vele vrijwilligers actief in het belang
om andere mensen te helpen.
Dank aan alle vrijwilligers uit het verleden en dank aan de hedendaagse vrijwilligers.
Verleden
Na de oorlog
Mei 1945, Nederland eindelijk bevrijd. De Duitse bezettingsmacht heeft ook
Breda verlaten, helaas onze mooie stad achterlatend met een hoop chaos alsook met
puin.
Direct na 1945 werd door het Bredase gemeentebestuur begonnen met het plannen maken
voor de wederopbouw. Een van de vele 'opbouwprojecten' was het realiseren van een
geheel nieuw te ontwerpen en te bouwen stadswijk.
Zo rond de jaren vijftig waren de plannen rond en kon worden begonnen met de eerste
naoorlogse stadswijk, die de naam Heuvelkwartier zou krijgen. De hoeveelheid ruimte
en de locatie gaven het stadsbestuur alle mogelijkheden om een mooi en groot stadsdeel
te bouwen. Immers, de vraag naar nieuwe en betaalbare woningen was enorm. Het
Heuvelkwartier zou een wijk worden met bewoners uit alle lagen van de bevolking.
Een wijk ook met vooral jonge gezinnen met kinderen.
Achterstanden
Niet alleen chaos en puin hadden de bezetters achtergelaten, er was ook een
grote achterstand opgelopen op maatschappelijk en sociaal gebied. De verenigingen
en organisaties die nog waren overgebleven, hadden te kampen met het probleem
huisvesting en diverse verenigingen en/of culturele organisaties waren gereduceerd
tot praktisch nul.
Ook in de nieuwe wijk Heuvelkwartier werd al gauw duidelijk dat er een grote behoefte
was ontstaan om te komen tot de realisatie van een eigen ruimte, waar de vele
verenigingen die intussen waren opgericht of waren 'meeverhuisd', hun activiteiten
konden ontplooien. Dit vooral gezien het gegeven dat heel veel kinderen lid waren
van de gevestigde verenigingen in het Heuvelkwartier.
Maar ook in de Heuvel was het een groot probleem om een geschikt onderkomen te
vinden, waarin alle verenigingen, organisaties en de diverse clubs onder één dak
gehuisvest konden worden. Het zou een plek moeten zijn waar de ouders hun kroost
met een gerust hart naartoe konden brengen met de wetenschap dat de toen al vele
vrijwilligers garant zouden staan voor goede recreatie, begeleiding en opvang.
Het zou ook een huisvesting moeten zijn, centraal gelegen in de wijk, waar ook de
oudere bewoners elkaar konden ontmoeten of deelnemen aan de vele activiteiten.
Ook zou het centrale punt gelegenheid moeten bieden om bijvoorbeeld vergaderingen,
wijkactiviteiten en andere manifestaties te organiseren.
Kortom, het was de wens van alle Heuvelbewoners te komen tot de realisatie van
een 'gemeenschappelijk' gebouw, waarin alle bestaande en nieuwe verenigingen hun
eigen plaatsje zouden krijgen.
Het verenigingsleven groeit
Inmiddels zijn we aanbeland in het begin van de jaren vijftig. De bouw van de
huizen in de nieuwe wijk Heuvel vordert gestaag en de eerste bewoners hebben al
bezit genomen van de nieuwbouw. Maar ook het verenigingsleven maakte een enorme
groei door en inmiddels was er een onderdak gevonden in De Barak aan de Talmastraat.
Toch bleek de noodzaak aanwezig om uit te zien naar een grotere ruimte waar alle
verenigingen onderdak zouden kunnen vinden.
Enige prominente persoonlijkheden uit de nieuwe wijk waren het eens en er zou een
comité worden gevormd om diverse instanties, waaronder de Gemeente Breda, ervan
te overtuigen dat De Barak niet meer voldeed aan de ruimte die zo noodzakelijk was.
Zo werd in 1957 een commissie gevormd die de belangen van alle bewoners van de
Heuvel en in het bijzonder die van de vele verenigingen zou gaan behartigen. De
commissie, bestaande uit de heren Hoppenbrouwers, Mertens, De Geus en Kortman
(kapelaan) trad op onder de naam Stichting tot Bouw en Exploitatie van een
Parochiehuis in het Heuvelkwartier.
De wensen van de verenigingen werden geïnventariseerd en met die wensen en de
aantoonbare noodzaak tot de bouw van een parochiehuis werd aan de Gemeente Breda
het verzoek tot medewerking gedaan. Gelukkig zag de toenmalige wethouder Bastiaansen
de noodzaak van het verzoek in en beloofde alle medewerking te verlenen. Echter,
er zou nog veel water door de Mark moeten vloeien om te komen tot het slaan van
de eerste paal.
Op 7 april 1956 ontving de stichting van de Openbare Werken te Breda de schriftelijke
bevestiging dat er voor de stichting een stuk grond gereserveerd was op de locatie
dr. Struyckenstraat. Feest dus en een grote stap voorwaarts was gezet. Een knelpunt
was echter het sluitend maken van een financieel plan om de vele kosten te kunnen
dekken. Alle Heuvelbewoners waren zeer begaan met de vorderingen om te komen tot
de bouw van een gemeenschapshuis in hun eigen wijk, maar er moest ook nog voldaan
worden aan allerlei rijks- en gemeentelijke verordeningen. Op allerlei manieren
werd getracht gelden bijeen te zamelen, ook bij Provinciale Staten werd om financiële
hulp gevraagd, zelfs bij de Broeders van Huybergen werd om een lening gevraagd.
Echter, zij kwamen met het tegenverzoek om bij de stichting wat te kunnen lenen.
De Eerwaarde Zusters uit Oudenbosch gaven te kennen voor de bouw van een
gemeenschapshuis geen geld te kunnen verstrekken. Toch moest men vooruit, dan maar
op eigen kracht en met de financiële medewerking van de Gemeente Breda.
De bouw van De Vlieren
Intussen was men zover dat men kon overgaan tot de oprichting van een stichting
die het bestuur zou gaan vormen van het te bouwen gemeenschapshuis. Het nieuwe
gemeenschapshuis zou de naam krijgen van Stichting Gemeenschapshuis De Vlieren.
Als voorzitter werd benoemd de heer Blauwhof en als secretaris fungeerde de heer
Kloet.
Goed nieuws, alle papieren en de benodige toestemmingen waren binnen en dus kon
een architect worden uitgenodigd om de tekeningen te maken voor het gemeenschapshuis.
De uitverkorene was Architectenbureau v.d. Meiracker.
Alles verliep nu in een wat versneld tempo en toen de tekeningen door de gemeente
en het stichtingsbestuur waren goedgekeurd, kon eindelijk worden begonnen met de
bouw.
Van de Gemeente Breda was inmiddels het goede bericht gekomen dat deze het
leeuwendeel van de bouw- en inrichtingskosten op zich zou nemen.
Op 18 januari 1962 kon eindelijk aan Aannemings- en Bouwbedrijf Winters, v.h.
Jos van Dijk, de gunning tot de bouw worden verstrekt. Deze gunning had de volgende
inhoud.
Mijne heren
Hiermede bevestigen wij, dat aan U is gegunt de bouw van ons gemeenschapshuis De Vlieren
op een terrein, gelegen aan de Dr. Struyckenstraat en Van Hogendorpstraat te Breda, vol-
gens het hiertoe door de architect A.W. van der Meiracker te Breda opgestelde bouwplan en
bestek, voor de door U opgegeven som van F 230,000,- (twee honderd en dertigduizend gul-
den).
Als datum van aanvang der werkzaamheden wordt, in verband met het bepaalde in paragraaf
3 van het bestek door ons vastgesteld: 22 januari 1962.
Wij verzoeken ons schriftelijk Uw aanvaarding van deze gunning te willen bevestigen en ons
één exemplaar van de hierbij gesloten tekeningen en bestek getekend te retourneren.
Breda, 18 januari 1962
Stichting Gemeenschapshuis De Vlieren
Voorzitter W.G. Blauwhof
Secretaris A.J. Kloet
De bouw kon dus beginnen en vorderde gestaag. De verwachting was dat ongeveer
een jaar nodig zou zijn om het gemeenschapshuis te bouwen. En jawel, de streefdatum
werd gehaald en zo was het dat het stichtingsbestuur wethouder Bastiaansen (waar
men ontzettend veel aan te danken had) kon uitnodigen om het gemeenschapshuis op
7 december 1962 officieel te komen openen. Deze gaf graag gehoor aan de uitnodiging
dus opende hij op 7 december het gemeenschapshuis officieel.
Een feestelijke stemming heerste er in de Heuvel en er werden heel veel activiteiten
door de verenigingen georganiseerd om de opening van 'hun' gemeenschapshuis te
vieren. De verenigingen, clubs en ouderen hadden nu hun eigen plekje, het doel was
bereikt. Natuurlijk moest er nog heel wat werk worden verzet. Gelukkig voor de
gebruikers van het gemeenschapshuis werden hun belangen goed behartigd door een
bekwaam en gedreven stichtingsbestuur.
Interessant is het wellicht om te weten dat de voorloper van latere en huidige
beheerders de heer Peters was, hij werkte voor het stichtingsbestuur onder de naam
'knecht in algemene dienst'.
Na de opening
Direct al na de opening van gemeenschapshuis De Vlieren bleek dat in een grote
behoefte was voorzien. Steeds meer verenigingen gingen gebruik maken van de
faciliteiten die geboden werden. En in de loop der tijden hebben ontzettend veel
vrijwilligers hun vrije tijd besteed aan het welzijn van de Heuvelgemeenschap.
Een sprong in de tijd makend was het op 11 januari 2003 dat Stichting De Vlieren
haar veertigjarig jubileum vierde. Een groot feest met vele activiteiten voor
groot en klein. Tijdens het tweedaags feest hadden alle verenigingen, instanties
en organisaties de mogelijkheid zich te presenteren. Van die mogelijkheid werd
dan ook gretig gebruik gemaakt.
Heden
Tot op heden is er in de structuur van het gemeenschapshuis weinig veranderd.
Natuurlijk waren er regelmatig wisselingen in het stichtingsbestuur en kwamen er
andere vaste medewerkers. Een van de beheerders die al zeer lang als beheerder
fungeert, is de huidige beheerder, de heer Wim Schmeits, die al bijna 25 jaar als
beheerder aan het gemeenschapshuis is verbonden. De huidige personele samenstelling
is: twee personen in vaste en een in gedetacheerde dienst.
De samenwerking tussen bestuur en verenigingen is goed te noemen. Regelmatig heeft
overleg plaats tussen het stichtingsbestuur en besturen van verenigingen/clubs.
Het moge duidelijk zijn dat bovengenoemde samenwerking noodzakelijk is om goed te
kunnen besturen. Ook de samenwerking met de diverse overkoepelende organisaties
verloopt prima.
Toekomst
Op het moment dat deze terugblik wordt geschreven, is het stichtingsbestuur al
geruime tijd in onderhandeling met de Gemeente Breda en andere participanten om
te komen tot een 'herhuisvesting' in de r.k.-kerk op het Mgr. Nolensplein. Er wordt
naar gestreefd om het nieuwe voorzieningencentrum in of rond het jaar 2010 in
gebruik te gaan nemen.
In alle besprekingen en verwoord in een 'plan van eisen en aanbevelingen',
samengesteld door stichtingsbestuur De Vlieren en de vaste gebruikers van het
gemeenschapshuis, wordt benadrukt dat onze vaste gebruikers een goede en betaalbare
plaats in het nieuwe centrum moeten krijgen. Ook de belangen van onze vaste
medewerkers worden zeker niet vergeten.
Momenteel is de verbouwing van de kerk aan het Mgr. Nolensplein Europees aanbesteed
en buigen vijf architecten zich over het vraagstuk hoe het best deze grote ruimte
functioneel kan worden gemaakt. De eerste ontwerpen zijn al gepresenteerd.
Natuurlijk zijn we er nog lang niet en moet er nog zeer veel vergaderd worden.
Echter met maar één doel: het moet een gebouw worden voor alle Heuvelbewoners en
een plek waar eenieder zich thuis zal voelen. In de wandelgangen wordt wel gesproken
over 'het huis van de Heuvel'. Als deze benaming in de toekomst werkelijkheid mag
worden, zijn de gedane moeite en inspanningen niet voor niets geweest en hebben
wij ons doel bereikt, namelijk in het Heuvelkwartier een multifunctioneel gebouw
waar men elkaar kan ontmoeten, activiteiten kan organiseren en dat een rustpunt
kan zijn in een tijdperk waarin het woord 'haast' niet meer is weg te denken.
Herman van Wanrooij
D.d.: 01-11-2006
|