FranskeMobiele ondernemersHet is in deze tijd nog maar moeilijk voor te stellen maar toen wij nog kinderen
waren, kwam er de hele dag volk aan de deur. De banken hadden toen nog een marginale
rol (die waren er alleen voor de rijken) en in bijna alles van het leven toen
speelde contant geld de hoofdrol. De gasopnemer, de waterman, stroom (Wattman),
verzekeringen, de krant, de huishuur. De distributieradio, de leesmap, de radiobode.
En alles werd per week contact betaald. De PTT (wie kent hem nog), de post kwam
twee keer per dag! Ik meen mij ook nog te herinneren dat de postbode aan de deur
aangeboden post mee terugnam. Maar het geheugen is bedrieglijk, dat weet elke
psycholoog. Een bijzondere ondernemerEen bijzondere gast die onregelmatig verscheen, was Franske. Hij was een kleine en magere man van een jaar of dertig. Hij had een misvormd gezicht, vol littekens en geen of kleine oren. Franske haalde oud papier op voor zijn bestaan. Zoals hij er uitzag, doet hij mij nu een beetje denken aan de slachtoffers van de brand in Volendam. Het verhaal dat over Franske werd verteld, is dat hij zijn ouders en al zijn ongetwijfeld vele broertjes en zusjes met gevaar voor eigen leven uit het brandend eigen huis had gered. Daarbij had hij de afschuwelijke brandwonden in zijn gelaat en aan het hoofd opgelopen. Daardoor was ook zijn verstand aangetast en ook zijn spraakvermogen. Als dank daarvoor mocht hij van de gemeente en de kerk met een vergunning voor het leven oud papier ophalen. Hij liep door de brandgangen tussen de huizen van het Heuvelkwartier door en riep altijd weer met verwrongen, maar duidelijke en luide stem: "Ouwahpielen! Ouwahpielen!" Cor Willemse, |